Wat de hypotheekadviseur ons ooit zei..

Voor de crisis, toen hypotheken nog verstrekt werden aan iedereen met een sofinummer, konden mijn man en ik bijna vijf ton lenen. De bankmeneer zei het met een brede glimlach op zijn gezicht. God zij dank hebben we dat nooit gedaan. Anders had ons leven er heel anders uitgezien.

Ik zie ons nog zo zitten aan tafel bij die grote bank. Een ovale tafel. Aan de ene kant mijn man en ik. Aan de andere kant twee in pak gestoken mannen. Haartjes strak naar achter. Typische bankmeneren. Ze hadden onze jaarcijfers nog eens goed bekeken en zagen geen vuiltje meer aan de lucht. ‘Goede cijfers, goede ontwikkeling ieder jaar, genoeg cijfers, genoeg liquide middelen.’ Ik kreeg een brede glimlach op mijn gezicht, toen ik hem onze bedrijven zo rooskleurig hoorde samenvatten. Stiekem had ik al een beetje rond gekeken op Funda. Een prachtig, statig pand had ik gespot. Haarlem. Glas-in-lood. Kamer en suite. Wie droomt er niet van? Met deze hypotheek ging dat nog lukken ook.

We konden nog meer lenen dan ik op internet had berekend met zo’n online calculator. Bijna vijf ton. Ik zag ons al helemaal hip and happening in de mooiste stad van het land wonen. Iedere avond theater, lekker uit eten, samen slenteren door die pittoreske straatjes. Waar kan ik tekenen? We gaven de heren een hand en bedankten elkaar. In de lift. Een knikje naar de receptioniste en we stonden buiten. Die glimlach op mijn gezicht viel er niet af te rammen. Tenminste, dat dacht ik. Tot ik merkte dat mijn man er heel anders in stond. ‘Fuckers,’ zei hij. Ik fronste en keek hem vragend aan. Hoezo? Ze willen ons een hypotheek geven. ‘Vijf ton,’ ging hij verder, ‘dat is toch totaal onverwantwoord?’ Als één van ons een grote opdrachtgever kwijt raakt, kunnen we het al niet meer betalen.’ Toen gingen alle rode lampen in mijn hoofd opeens aan. Holy Fuck. Hij had gelijk.

Ik had me in ons gesprek laten meenemen in een soort hebzucht. Ik had ze mijn ego laten strelen. Ik had me niet gerealiseerd wat zo’n enorme lening voor ons verdere leven zou betekenen. Die hypotheek van bijna vijf ton, waar we de rest van ons leven aan moesten gaan betalen. ‘Wat als we kinderen krijgen,’ vroeg mijn lief. ‘Dan kunnen we niet eens even wat minder gaan werken. Nee, de rekeningen voor het huis liggen op de deurmat en die moeten betaald.’ Hij was oprecht boos. Hij voelde zich een oor aangenaaid. Ze hadden bij de bank niet gekeken naar wat goed voor ons was, maar naar hoe zij zoveel mogelijk aan ons konden verdienen. En dan moesten we – als er een volgende afspraak kwam – ook nog betalen voor dat advies, omdat dat zogenaamd onafhankelijk is. Yeah right. Wc-eend adviseert wc-eend. Nee, dank je.

Lees ook: Waarom bijna iedereen zijn huis 2x betaalt

We stapten in de auto en reden terug naar ons huurhuis. Een prachtig oud pand in het centrum van Haarlem. We sliepen op een vide, waar we ’s avonds de carillon hoorde luidde. Die avond in bed beslisten we: we gaan hier niet in mee. Wij gaan zelf beslissen hoe ons leven eruit gaat zien. We laten ons niet meezeulen in een hebberigheid, in een gevoel van pakken wat je pakken kan. We gaan kiezen voor geluk, een ander soort rijkdom. We besloten Haarlem te verlaten. De stad was te duur voor ons geworden. Tenminste wel als we in een huis met ruimte en een tuin wilden wonen. En dat wilden we.

We gaan ergens anders naartoe. Daar vloeide even een traantje om, bij ons allebei. Terugkijkend was het de beste keuze die we konden maken. Het was een keuze voor lucht, voor vrijheid, voor ruimte. Voor het gevoel te kunnen ademen. In Haarlem komen we nog geregeld. Nu met onze twee kinderen. Ze vinden het er heerlijk en wij ook nog altijd. Soms rijden we langs dat ene huis. Met glas-in-lood-ramen, met die statige gevel en houten voordeur. Ik vind het nog steeds een plaatje. Maar ik kijk er liever naar dan dat ik ervoor betaal. Want met een te hoge hypotheek, kan ieder droomhuis een gevangenis worden.

Dacht je aan iemand tijdens het lezen? Deel dit artikel dan met hem/haar.